Sla de springlinks over en ga naar de sitenavigatie

U bent hier: Regelingen » Verordening hondenbelasting 2010 » 04-03-2010

Sla de hoofdinhoud over en ga naar de voetregel »

Verordening hondenbelasting 2010

Versie geldig vanaf 04-03-2010 tot 02-12-2010.

Wetstechnische informatie verbergen van Verordening hondenbelasting 2010

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling

Overheidsorganisatie gemeente Leusden
Officiële naam van de regeling Verordening op de heffing en invordering van hondenbelasting 2010
Citeertitel Verordening hondenbelasting 2010
Deze versie is geldig tot
(als de vervaldatum is vastgesteld)
02-12-2010
Vastgesteld door gemeenteraad
Onderwerp financiƫn en economie

Opmerkingen m.b.t. de regeling

De Verordening hondenbelasting 2009, vastgesteld bij raadsbesluit van 6 november 2008, is ingetrokken.

Verordening ook gepubliceerd op website: www.leusden.nl

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

1. Gemeentewet, art. 226 externe site

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum
inwerkingtreding
Terugwerkende
kracht t/m
Betreft Datum ondertekening
Bron bekendmaking
Kenmerk
voorstel
02-12-2010 intrekking 11-11-2010
Leusder Krant, 24-11-2010
146943
04-03-2010 01-01-2010 nieuwe regeling 12-11-2009
Leusder Krant, 24-2-2010
2009-10698

De raad van de gemeente Leusden;

gelezen het voorstel van het college d.d. 29 september 2009, nummer 2009-10698;

gelet op artikel 226 van de Gemeentewet externe site;

besluit:

vast te stellen de:

Verordening op de heffing en invordering van hondenbelasting 2010

Artikel 1 Voorwerp der belasting

Onder de naam “hondenbelasting” wordt een directe belasting geheven ter zake van het houden van een hond binnen de gemeente.

Artikel 2 Belastingplicht

  • 1. Belastingplichtig is de houder van een hond.
  • 2. Als houder wordt aangemerkt degene die onder welke titel dan ook een hond onder zich heeft, tenzij blijkt dat een ander de houder is.
  • 3. Het houden van een hond door een lid van het huishouden wordt aangemerkt als het houden van een hond door een door de in artikel 231, tweede lid onderdeel b, van de Gemeentewet externe site bedoelde gemeenteambtenaar aan te wijzen lid van dat huishouden.

Artikel 3 Vrijstellingen

De belasting wordt niet geheven ter zake van honden:

  • a. die uitsluitend dienen om blinde personen te leiden;
  • b. die door de “Stichting sociale honden voor gehandicapten Nederland” als gehandicaptenhond aan een gehandicapte ter beschikking zijn gesteld;
  • c. die in een hondenasiel verblijven, indien de eigenaar van een dergelijke inrichting houder is van een vergunning als bedoeld in artikel 2 van de Wet op de dierenbescherming externe site (Wet van 25 januari 1961, Stb. 19);
  • d. die uitsluitend ten verkoop in voorraad worden gehouden door een houder met een vergunning als bedoeld in artikel 2 van de Wet op de dierenbescherming externe site;
  • e. die jonger zijn dan drie maanden, voor zover zij tezamen met de moederhond worden gehouden.

Artikel 4 Maatstaf van heffing

De belasting wordt geheven naar het aantal dat wordt gehouden.

Artikel 5 Belastingtarief

  • 1. De belasting bedraagt per belastingjaar:
    • a. voor een eerste hond € 74,90
    • b. voor een tweede hond € 104,45
    • c. voor iedere hond boven het aantal van twee € 131,85
  • 2. In afwijking inzoverre van de voorgaande leden bedraagt de belasting voor honden, gehouden in kennels die zijn geregistreerd bij de Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland € 311,20 per jaar.

Artikel 6 Belastingjaar

Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.

Artikel 7 Wijze van heffing

De belasting wordt geheven bij wege van aanslag.

Artikel 8 Ontstaan van de belastingschuld en bepalingen omtrent de aanvang en einde van de belastingplicht in de loop van het tijdvak

  • 1. De belasting is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.
  • 2. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, dan wel het aantal honden in de loop van het belastingjaar toeneemt, is de belasting, respectievelijk de hogere belasting ter zake van het toegenomen aantal honden, verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, respectievelijk de toename van het aantal honden, nog volle kalendermaanden overblijven.
  • 3 Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, dan wel het aantal honden in de loop van het belastingjaar vermindert, bestaat aanspraak op ontheffing over zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht respectievelijk de vermindering van het aantal honden, nog volle kalendermaanden overblijven.

Artikel 9 Termijnen van betaling

  • 1. De aanslag moet worden betaald in één termijn die vervalt 2 maanden na dagtekening van het aanslagbiljet.
  • 2. In afwijking van het bepaalde in het voorgaande lid geldt dat in het geval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen, of als het aanslagbiljet maar één aanslag betreft daarvan, € 68,07 of meer bedraagt, de aanslagen mogen worden betaald in acht gelijke termijnen. Dit zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven. De eerste termijn vervalt een maand na dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later.

Artikel 10 Kwijtschelding

Bij de invordering van hondenbelasting wordt alleen kwijtschelding verleend voor de eerste hond.

Artikel 11 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders

Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en invordering van de hondenbelasting.

Artikel 12 Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1. De “Verordening hondenbelasting 2009”, vastgesteld bij raadsbesluit van 6 november 2008, wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing. Zij blijft van toepassing op belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.
  • 2. Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die van de bekendmaking.
  • 3. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2010.
  • 4. Deze verordening kan worden aangehaald als “Verordening hondenbelasting 2010”.

Aldus besloten door de raad van de gemeente

Leusden in zijn openbare vergadering van 12 november 2009,

ir. T. Rolle mevrouw drs. A. Vermeulen

griffier voorzitter van de Raad

Sla de sitenavigatie over en ga naar de hoofdinhoud »
Terug naar boven Terug naar boven